DE FLITSEN
DERDE AANWIJZING
Een misleidende en dwaas gestelde vraag
Sommigen onder de gezagsdragers zeggen: aangezien jij in dit land verblijft, moet je je ook onderwerpen aan de republikeinse wetten ervan. Waarom onttrek jij je dan, onder het voorwendsel van afzondering, aan die wetten?
In de wet van de huidige regering staat dat het in strijd is met een principe van de republiek — die op gelijkheid is gebaseerd — wanneer iemand zich, buiten zijn functie om, een bepaalde verdienste of deugd toeschrijft en daarmee invloed of gezag uitoefent over een deel van het volk.
Waarom laat jij, terwijl je geen officiële functie hebt, mensen je hand kussen? Waarom neem je een houding aan die lijkt op zelfverheffing, alsof je wilt dat het volk naar je luistert?
Antwoord: degenen die wetten toepassen, moeten ze eerst op zichzelf toepassen voordat zij ze op anderen toepassen. Als jullie een principe dat jullie zelf niet toepassen op anderen willen opleggen, dan breken en overtreden jullie zelf — vóór alle anderen — jullie eigen principe en jullie eigen wet. Want jullie willen dat deze wet van absolute gelijkheid op mij wordt toegepast. Daarop zeg ik het volgende:
Wanneer een gewone soldaat de maatschappelijke positie van een veldmaarschalk bereikt en deel krijgt aan de eerbied en aandacht die het volk aan die veldmaarschalk betoont, of wanneer die veldmaarschalk tot het niveau van die soldaat wordt teruggebracht en diens eenvoudige positie inneemt, zodat hij buiten zijn functie geen enkel bijzonder aanzien meer heeft; en wanneer bovendien een buitengewoon bekwame stafchef, die de overwinning van een leger mogelijk heeft gemaakt, in eerbied, liefde en publieke waardering gelijk wordt gesteld aan de meest eenvoudige soldaat — dán kunnen jullie volgens jullie wet van gelijkheid tegen mij zeggen:
“Zeg niet dat je een hodja bent. Aanvaard geen eerbied. Ontken je deugd. Dien je bediende en wees een metgezel van bedelaars.”
Als jullie zeggen: “Die eerbied, positie en waardering gelden alleen wanneer iemand een functie bekleedt en zijn voorbehouden aan degenen met een officiële taak. Jij bent iemand zonder functie; daarom kun je niet dezelfde eerbied van het volk aanvaarden als mensen met een functie.”
Antwoord: als de mens slechts uit een lichaam bestond, als hij op aarde voor altijd zou blijven leven, als de deur van het graf gesloten was en de dood zelf zou sterven — en als taken uitsluitend bestonden uit militaire en bestuurlijke functies — dan zou er misschien nog enige betekenis in jullie woorden zijn.