DE FLITSEN

 

 

DE TWEEËNTWINTIGSTE FLITS

 

 

Ik bied deze zeer vertrouwelijke verhandeling, dat ik tweeëntwintig jaar geleden in Barla — een dorp van Isparta — schreef en destijds uitsluitend aan mijn meest vertrouwelijke, toegewijde en oprechte broeders liet zien, thans aan de rechtvaardige gouverneur van Isparta, haar rechterlijke macht en haar politie aan, aangezien het de verbondenheid met het volk en het bestuur van Isparta aantoont.

 

Indien het gepast wordt geacht, kan het in enkele exemplaren worden uitgetypt — hetzij in het nieuwe, hetzij in het oude schrift — zodat zij die reeds vijfentwintig tot dertig jaar mijn geheimen trachten te achterhalen en mij in het oog houden, zullen begrijpen dat wij geen verborgen geheimen hebben. En laat men weten dat ons meest verborgen geheim juist deze verhandeling is.

 

Said Nursi

 

 

De Drie Aanwijzingen

 

Dit deel maakte oorspronkelijk deel uit van de Derde Kwestie van de Zeventiende Notitie van de Zeventiende Flits. Vanwege de ernst en de reikwijdte van de vragen, en vanwege de kracht en helderheid van de antwoorden, werd het echter opgenomen als de Tweeëntwintigste Flits van de Eenendertigste Brief.

 

Het verdient een afzonderlijke plaats in De Flitsen en is vertrouwelijk en uitsluitend bestemd voor onze meest toegewijde, oprechte en trouwe broeders.

 

بِسْمِ اللّٰهِ الرَّحْمٰنِ الرَّحٖيمِ

وَمَنْ يَتَوَكَّلْ عَلَى اللّٰهِ فَهُوَ حَسْبُهُ اِنَّ اللّٰهَ بَالِغُ اَمْرِهِ قَدْ جَعَلَ اللّٰهُ لِكُلِّ شَيْءٍ قَدْرً

 

Deze kwestie bestaat uit drie aanwijzingen.